Overslaan en naar de inhoud gaan

Mensenrechtelijk kader: het recht op zelfstandig leven voor personen met een handicap

Personen met een handicap hebben, net als iedereen, het recht om zelf te bepalen waar en hoe ze wonen en hun leven inrichten. Het VN‑verdrag inzake de rechten van personen met een handicap garandeert zowel het recht op zelfstandig wonen als het recht om deel uit te maken van de maatschappij. Dat betekent dat personen met een handicap de nodige middelen moeten krijgen om eigen keuzes te maken en controle te hebben over hun leven. Ze moeten ook toegang hebben tot algemene voorzieningen, zoals huisvesting, onderwijs en vervoer, én tot specifieke ondersteuning. Alleen zo kunnen zij volwaardig deelnemen aan de samenleving. De overheid heeft de actieve plicht om deze rechten te waarborgen.

Dit referentiedocument verduidelijkt wat het VN‑Verdrag Handicap zegt over het recht op zelfstandig wonen en deel uitmaken van de maatschappij, en welke verplichtingen daaruit voortvloeien voor de overheid. We vertrekken vanuit het verdrag zelf en de interpretatie van het toezichthoudend VN-comité (het Comité voor de Rechten van Personen met een Handicap). Dit vormt voor het Vlaams Mensenrechteninstituut, gezien ons bijzonder mandaat, het centrale referentiekader. Daarnaast bespreken we hoe deze rechten verder worden ingevuld in andere (internationale) rechtsnormen, relevante rechtspraak en de interpretaties van toezichthoudende comités.

Ook interessant