Overslaan en naar de inhoud gaan

Onderzoek naar ervaren leeftijdsdiscriminatie en seniorisme in Vlaanderen

Het Vlaams Mensenrechteninstituut bracht in kaart in welke mate oudere Vlamingen agisme (stereotypes en discriminatie op basis van leeftijd) ervaren. Agisme is niet enkel kwetsend, maar heeft ook een negatieve invloed op de fysieke en mentale gezondheid van ouderen. Met dit onderzoek wil het instituut de aandacht voor het probleem vergroten bij beleidsmakers en het bredere publiek.

De bevindingen zijn gebaseerd op een bevraging die werd afgenomen bij 2.574 Vlamingen uit verschillende leeftijdsgroepen, waaronder zowel ouderen als jongeren. Daarnaast organiseerden we focusgroepen en diepte-interviews, waarin deelnemers hun persoonlijke ervaringen met agisme konden delen. 

De resultaten geven aan dat agisme voor velen herkenbaar is: vier op de tien Vlamingen geeft aan leeftijdsdiscriminatie te ervaren. Bovendien bevestigen zeven op de tien Vlamingen tussen 18 en 64 jaar in zekere mate negatieve stereotypes over ouderen, zoals dat ze bemoeizuchtig, fragiel of onverdraagzaam zouden zijn.

De belangrijkste resultaten

Wat zijn agisme, leeftijdsdiscriminatie en seniorisme?

Agisme verwijst naar negatieve opvattingen, beelden en gedrag tegenover mensen op basis van hun leeftijd. Het is een van de meest aanvaarde vormen van vooroordeel in onze samenleving. Agisme omvat ook ongelijke behandeling of benadeling op basis van leeftijd, wat we leeftijdsdiscriminatie noemen. Dit kan mensen van alle leeftijden treffen.

Wanneer het specifiek gaat over agisme tegenover ouderen, spreken we over seniorisme: discriminatie en stereotypering van personen omdat ze oud zijn. Seniorisme krijgt nog te weinig aandacht, terwijl onderzoek aantoont dat het een grote impact kan hebben op het welzijn van ouderen.

Hoe vaak komt leeftijdsdiscriminatie voor?

In onze bevraging geeft 43,5% van de respondenten aan dat ze ooit zelf leeftijdsdiscriminatie hebben ervaren. In vergelijking met andere Europese landen is dat cijfer relatief hoog. Bovendien is leeftijd de meest ervaren bron van discriminatie bij Vlamingen, vaker dan bijvoorbeeld discriminatie op basis van geslacht en politieke voorkeur (elk ongeveer drie op tien).



Leeftijdsdiscriminatie komt voor bij alle generaties, maar niet in dezelfde mate. Jongeren rapporteren dit het vaakst: bij de 18- tot 24-jarigen geeft ongeveer zes op tien aan ooit leeftijdsdiscriminatie te hebben ervaren. Bij 65-plussers gaat het om ongeveer vier op tien. Het patroon is bovendien niet rechtlijnig. De ervaring van leeftijdsdiscriminatie ligt het hoogst bij jongvolwassenen, neemt af in de middenleeftijden, en neemt later in de levensloop opnieuw toe. Ook mensen met een slechte gezondheid of een laag inkomen en mensen die sociaal geïsoleerd zijn rapporteren vaker leeftijdsdiscriminatie.



Uit de interviews blijkt dat deze ervaringen zich vooral op de werkvloer voordoen. Zo vertelt een oudere respondent dat hij nooit meer wordt geselecteerd voor een bijscholing, terwijl een andere participant aangeeft dat zijn werkgever oudere werknemers systematisch ontslaat. Jongeren ervaren dan weer discriminatie door hun gebrek aan ervaring bij aanwervingen. Ook bleek dat jongeren op de huurmarkt vaak met leeftijdsdiscriminatie te maken krijgen.

info

Wat zeggen Vlamingen over leeftijdsdiscriminatie?

Uit de focusgroepen en interviews blijkt dat leeftijdsdiscriminatie kan voorkomen in verschillende domeinen en situaties:

  • “Op mijn vroegere werk zijn er zeven mensen ontslagen. Allemaal geboren in de jaren zestig, dus allemaal eind vijftig, begin zestig” (Respondent tussen 65 en 74 jaar)
  • “Op stage worden jongeren echt super veel benadeeld vanwege hun leeftijd. Ik heb dat zelf meegemaakt, net als mijn vriendinnen, en het lijkt bijna iedereen te overkomen." (Respondent tussen 18 en 24 jaar)
  • “Op mijn werk heb ik al twee keer een bijscholing aangevraagd. Er is telkens een jonge persoon gekozen die naar de bijscholing mocht. En ik dacht: waarom ik niet?” (Respondent tussen 65 en 74 jaar)
  • “Vriendinnen van mij waren al lang op zoek naar een appartement, maar werden heel vaak afgewezen. Gewoon omdat ze te jong waren en omdat ze niet voldoende inkomen hadden, denk ik” (Respondent tussen 18 en 24 jaar)

Hoe verspreid is seniorisme in Vlaanderen?

Discriminatie van ouderen vloeit vaak voort uit stereotypes over leeftijd. In Vlaanderen komen zulke stereotypes regelmatig voor. Het onderzoek toont dat 62,3% van de 18- tot 64-jarige Vlamingen in zekere mate negatieve stereotypes over ouderen bevestigt, zoals dat ze onverdraagzaam, bemoeizuchtig of fragiel zouden zijn. Daarnaast heeft 7,6% zelfs een uitgesproken negatieve blik op ouderen.

Net omdat zulke ideeën zo vanzelfsprekend lijken, is het belangrijk om ze te herkennen: ze kleuren hoe ouderen naar zichzelf kijken en kunnen een rem vormen om actief, gezond en betrokken te blijven op latere leeftijd.



Ervaringen van seniorisme bij ouderen zijn niet altijd zo zichtbaar. Het zit vaak in kleine, terugkerende omgangsvormen: betutteling, niet ernstig genomen worden, of (goedbedoeld) hulp aanbieden terwijl dat niet nodig is. Uit ons onderzoek blijkt dat een derde van de 65-plussers minstens af en toe het gevoel heeft niet serieus genomen te worden, en één op vijf ervaart minachtende opmerkingen over hun bijdrage aan de samenleving. Ook betutteling komt regelmatig voor: één op acht ouderen voelt zich minstens af en toe als een klein kind behandeld, of maakt mee dat anderen beslissingen in hun plaats nemen.



Wat veroorzaakt senioristische stereotypes?

Het onderzoek toont dat vooral jongeren, mensen die zich achtergesteld voelen in de samenleving en mensen met weinig vertrouwen in anderen negatieve stereotypes over ouderen bevestigen. Een belangrijke oorzaak is een gebrek aan verbondenheid tussen generaties. Meer en beter contact kan die verbondenheid stimuleren en wederzijdse stereotypes doen afnemen.

Ook respondenten uit de focusgroepen zien de nood daarvan in. “Ik voel mij totaal niet verbonden eigenlijk, maar ik vind dat wel jammer”, stelde één van de deelnemers tussen 18 en 24 jaar. “Het kan misschien wel heilzaam zijn, moest er wel verbinding tussen zijn tussen generaties.

Wat zijn de gevolgen van senioristische stereotypes?

Uit de analyses blijkt dat seniorisme in Vlaanderen een tastbare invloed heeft op ouderen en de samenleving in het algemeen. Wie leeftijdsdiscriminatie of ouderenstereotypes ervaart, voelt zich bijvoorbeeld minder verbonden met jongere generaties, wat de intergenerationele solidariteit aantast. De resultaten wijzen er bovendien op dat ouderen zich regelmatig vergeten, genegeerd of uitgesloten voelen. Ook deze gevoelens worden sterk aangedreven door ervaringen met seniorisme. 

Verschillende Internationale onderzoeken bevestigen de schadelijke gevolgen van seniorisme. Zo zorgt blootstelling aan seniorisme voor:

  • Een kortere levensverwachting;
  • Een slechter geheugen en mentaal welzijn bij ouderen;
  • Verhoogde ziektekosten voor de samenleving;
  • Meer eenzaamheid en een verminderde wil om te leven.
info

Wat zeggen Vlamingen over seniorisme?

In de focusgroepen haalden respondenten verschillende voorbeelden aan van senioristische stereotypes:

  • “Als er bepaalde muziek speelde, gingen wij daarop dansen. Dan zag je jongeren kijken van: ‘Moet je die oudjes eens zien op de dansvloer'” (Respondent tussen 65 en 74 jaar)
  • “Over het klimaat zeggen ze soms tegen ons: 'Jullie hebben alles verknoeid.' Dat verwijten ze onze generatie, en dat vind ik vreselijk.” (Respondent tussen 45 en 54 jaar)
  • “Toen ik op zoek was naar een huis, had ik op verschillende panden een bod gedaan, maar dat werd telkens niet aanvaard. Dan zeiden ze dingen als: ‘Och mevrouw, gaat u dat nog allemaal doen van werken?’ Blijkbaar dachten ze dat ik niet goed bij mijn verstand was en dat ze mij ergens voor moesten behoeden.” (Respondent tussen 65 en 74 jaar)
  • “Ik zat hier met iemand en die zei: ‘Wat zit [naam van andere bewoner] hier eigenlijk nog te doen? Ze zouden hem beter een spuit geven.’ Dat geeft een beeld van hoe er soms over mensen wordt gesproken.” (Bewoner woonzorgcentrum)

Hoe kunnen we agisme aanpakken? 

Het Vlaams Mensenrechteninstituut formuleerde in het rapport een reeks aanbevelingen om agisme aan te pakken. Uit vergelijkend onderzoek blijkt dat vooral twee maatregelen effectief zijn: het stimuleren van contact tussen generaties en het opzetten van sensibiliseringsacties en -campagnes. Om agisme aan te pakken kunnen beleidsmakers daarom inzetten op:

  • Langdurige bewustwordingscampagnes die de diversiteit bij ouderen tonen en clichés niet onbedoeld versterken.
  • Duurzame intergenerationele projecten, die kwalitatief contact tussen jong en oud bevorderen.
  • Correspondentietesten, gekoppeld aan sanctioneringstrajecten, om aanwervingsdiscriminatie op basis van leeftijd tegen te gaan.
  • Een internationaal ouderrechtenverdrag, dat de mensenrechten van ouderen wereldwijd verankerd.

Daarnaast wil het instituut werkgevers, zorgprofessionals en de samenleving in haar geheel aanzetten om agisme actief tegen te gaan. Door positiever over én met ouderen te spreken, kunnen stereotypes doorbroken worden, nemen vooroordelen af en groeit het bewustzijn rond discriminatie. 

Ook interessant